Eindejaarstips 2018 - deel 5

Eindejaarstips 2018 - deel 5

Deze week gaan we in op de eindejaarstips voor de DGA en werkgever met personeel. Zijn er acties die u nu al moet ondernemen, of vragen bepaalde zaken juist om uitstel en zijn er veranderingen waarmee u rekening moet houden?
Wij hebben een selectie van de belangrijkste tips en aandachtspunten opgenomen die voor zowel uzelf als uw organisatie van belang kunnen zijn.

Tips voor de dga

1. Juiste verwerking schuld aan uw BV

Heeft u geld geleend van uw BV? Houd dan rekening met een juiste verwerking van deze schuld in uw aangifte en de aangifte van uw BV. Zo moet u het bedrag van de lening aangeven als schuld in box 3 in uw aangifte inkomstenbelasting. Daardoor daalt uw belastbaar inkomen in box 3. De rente die u aan uw BV betaalt, kunt u niet dan ook niet aftrekken. Uw BV geeft de rente aan als winst in haar aangifte vennootschapsbelasting.

Tip: Zorg voor een zakelijke leningsovereenkomst tussen u en uw BV zodat de Belastingdienst de zakelijkheid niet in twijfel kan trekken.

2. Controleer opgegeven gebruikelijk loon

Ga na of u het juiste loon hebt opgegeven als dga. Uw loon bedraagt minstens het hoogste van de volgende bedragen:

• 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;

• het hoogste loon van de overige werknemers van de BV, of daarmee verbonden vennootschappen (lichamen);

• € 45.000.

Ligt uw loon lager dan deze bedragen? Dan moet u dit wel aannemelijk kunnen maken.

3. Kies voor een bonus

Een extra beloning aan het einde van het jaar kan plaatsvinden in de vorm van een onbelaste bonus die u in de vrije ruimte laat vallen. U mag via uw BV onbelast vergoedingen ontvangen als dga indien het totale bedrag onder 1,2% blijft van uw loonsom. Dit is de vrije ruimte. Komt het bedrag van de vergoedingen boven die grens? Dan moet u over dat extra bedrag 80% belasting betalen. Er gelden geen voorwaarden voor de bestedingen binnen de vrije ruimte. Dit is fiscaal gunstiger dan een dividenduitkering welke belast is tegen een inkomstenbelastingtarief van 25% in box 2.

Tip: De Belastingdienst heeft aangegeven niet moeilijk te doen bij een bonus tot € 2.400 per jaar.

4. Doe de uitkeringstoets

Ontvangt u een dividenduitkering van uw BV? Zorg er dan voor dat er een uitkeringstoets plaatsvindt. Het bestuur moet dan toetsen of de BV ook na de dividenduitkering aan haar financiële verplichtingen kan blijven voldoen. Als achteraf blijkt dat dit niet zo is dan kan dit leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid en terugbetaling van de ontvangen dividenduitkering.

Tips voor de werkgever/werknemer

5. Benut de vrije ruimte

Ga na of u in 2018 de vrije ruimte van de werkkostenregeling wel volledig heeft benut. De vrije ruimte bedraagt 1,2% van de fiscale loonsom. Indien u nog vrije ruimte over heeft, dan kunt u overwegen om uw werknemers aan het einde van het jaar een extra beloning (dertiende maand) te geven.

Let op: Een extra beloning van maximaal € 2.400 per werknemer per jaar wordt door de Belastingdienst geaccepteerd. Wilt u een hogere beloning voor uw werknemers dan moet u bewijzen dat een dergelijke beloning in uw sector gebruikelijk is.

6. Feestje op kantoor?

Bent u nog van plan om een eindejaarsfeest te organiseren voor uw werknemers? Doe dit dan op kantoor. Indien u namelijk het personeelsfeest op de werkplek geeft, is het vrijgesteld van loonbelasting.

7. Pas de concernregeling toe

U kunt voor al uw BV’s die onder hetzelfde concern vallen, de vrije ruimte van 1,2% samen nemen en zo één overkoepelende vrije ruimte hanteren voor uw werknemers. Eén van de voorwaarden is dan wel dat de concernonderdelen die deelnemen, het hele jaar een concern hebben gevormd. Dit betekent dus dat concernonderdelen die in de loop van 2018 zijn ingelijfd of afgestoten, voor 2018 buiten de concernregeling vallen.

8. Let op doelgroepverklaring voor loonkostenvoordeel

Heeft u oudere werknemers of arbeidsgehandicapte werknemers in dienst? Dan komt u mogelijk voor het loonkostenvoordeel in aanmerking. Als u voor uw werknemer het loonkostenvoordeel wilt ontvangen, dan heeft u een kopie van de doelgroepverklaring van uw werknemer nodig. Houd u er rekening mee dat u tijdig de doelgroepverklaring bij uw werknemer opvraagt. Uw werknemer moet namelijk binnen drie maanden nadat hij bij u in dienst is getreden de doelgroepverklaring aanvragen.

Let op: Na deze drie maanden heeft uw werknemer geen recht meer op de doelgroepverklaring. Zonder deze doelgroepverklaring kunt u voor deze werknemer geen loonkostenvoordeel meer aanvragen.

9. Vraag werknemer om verklaring geen privégebruik auto

Als u een auto ter beschikking stelt aan een werknemer, kunt u de bijtelling voor het privégebruik van de auto soms achterwege laten. Uw werknemer dient middels de 'Verklaring geen privégebruik auto', te verklaren dat hij niet meer dan vijfhonderd kilometer privé rijdt met de auto van de zaak. Ga bij uw werknemer na of deze verklaring wel of niet aan de orde is zodat u uw administratie daarop kan aanpassen per 1 januari 2019.

Indien uw werknemer een verklaring kan overhandigen dan hoeft u niets te doen. Maar gaat uw werknemer in 2019 meer dan vijfhonderd privékilometers rijden met de auto, dan moet u de bijtelling voor privégebruik gaan toepassen.

10. Bijtelling privégebruik auto

Indien u een auto ter beschikking stelt aan uw werknemer dan bedraagt de bijtelling voor privégebruik 22% van de cataloguswaarde. Voor volledig elektrische auto’s bedraagt de bijtelling 4%. Voor auto’s die meer dan vijftien jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen geldt de waarde in het economische verkeer als grondslag en een bijtelling van 35%.

Let op: Gaat u nieuwe auto’s ter beschikking stellen aan uw werknemers? In 2019 en 2020 zal voor volledig elektrische auto’s het deel van de catalogusprijs dat boven € 50.000 uitkomt ook onder de bijtelling van 22% vallen. Vanaf 2021 gaat de bijtelling voor elektrische auto’s geheel naar 22%. Er geldt dan geen fiscaal voordeel meer voor elektrische auto’s.

Tips voor de dga

1.       Juiste verwerking schuld aan uw BV

Heeft u geld geleend van uw BV? Houd dan rekening met een juiste verwerking van deze schuld in uw aangifte en de aangifte van uw BV. Zo moet u het bedrag van de lening aangeven als schuld in box 3 in uw aangifte inkomstenbelasting. Daardoor daalt uw belastbaar inkomen in box 3. De rente die u aan uw BV betaalt, kunt u niet dan ook niet aftrekken. Uw BV geeft de rente aan als winst in haar aangifte vennootschapsbelasting.

Tip: Zorg voor een zakelijke leningsovereenkomst tussen u en uw BV zodat de Belastingdienst de zakelijkheid niet in twijfel kan trekken.

2.       Controleer opgegeven gebruikelijk loon

Ga na of u het juiste loon hebt opgegeven als dga. Uw loon bedraagt minstens het hoogste van de volgende bedragen:

             75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;

             het hoogste loon van de overige werknemers van de BV, of daarmee verbonden vennootschappen (lichamen);

             € 45.000.

Ligt uw loon lager dan deze bedragen? Dan moet u dit wel aannemelijk kunnen maken.

3.       Kies voor een bonus

Een extra beloning aan het einde van het jaar kan plaatsvinden in de vorm van een onbelaste bonus die u in de vrije ruimte laat vallen. U mag via uw BV onbelast vergoedingen ontvangen als dga indien het totale bedrag onder 1,2% blijft van uw loonsom. Dit is de vrije ruimte. Komt het bedrag van de vergoedingen boven die grens? Dan moet u over dat extra bedrag 80% belasting betalen. Er gelden geen voorwaarden voor de bestedingen binnen de vrije ruimte.  Dit is fiscaal gunstiger dan een dividenduitkering welke belast is tegen een inkomstenbelastingtarief van 25% in box 2.

Tip: De Belastingdienst heeft aangegeven niet moeilijk te doen bij een bonus tot € 2.400 per jaar.

4.       Doe de uitkeringstoets

Ontvangt u een dividenduitkering van uw BV? Zorg er dan voor dat er een uitkeringstoets plaatsvindt. Het bestuur moet dan toetsen of de BV ook na de dividenduitkering aan haar financiële verplichtingen kan blijven voldoen. Als achteraf blijkt dat dit niet zo is dan kan dit leiden tot bestuurdersaansprakelijkheid en terugbetaling van de ontvangen dividenduitkering.

 

Tips voor de werkgever/werknemer

5.       Benut de vrije ruimte

Ga na of u in 2018 de vrije ruimte van de werkkostenregeling wel volledig heeft benut. De vrije ruimte bedraagt 1,2% van de fiscale loonsom. Indien u nog vrije ruimte over heeft, dan kunt u overwegen om uw werknemers aan het einde van het jaar een extra beloning (dertiende maand) te geven.

Let op: Een extra beloning van maximaal € 2.400 per werknemer per jaar wordt door de Belastingdienst geaccepteerd. Wilt u een hogere beloning voor uw werknemers dan moet u bewijzen dat een dergelijke beloning in uw sector gebruikelijk is.

6.       Feestje op kantoor?

Bent u nog van plan om een eindejaarsfeest te organiseren voor uw werknemers? Doe dit dan op kantoor. Indien u namelijk het personeelsfeest op de werkplek geeft, is het vrijgesteld van loonbelasting.

7.       Pas de concernregeling toe

U kunt voor al uw BV’s die onder hetzelfde concern vallen, de vrije ruimte van 1,2% samen nemen en zo één overkoepelende vrije ruimte hanteren voor uw werknemers. Eén van de voorwaarden is dan wel dat de concernonderdelen die deelnemen, het hele jaar een concern hebben gevormd. Dit betekent dus dat concernonderdelen die in de loop van 2018 zijn ingelijfd of afgestoten, voor 2018 buiten de concernregeling vallen.

8.       Let op doelgroepverklaring voor loonkostenvoordeel

Heeft u oudere werknemers of arbeidsgehandicapte werknemers in dienst? Dan komt u mogelijk voor het loonkostenvoordeel in aanmerking. Als u voor uw werknemer het loonkostenvoordeel wilt ontvangen, dan heeft u een kopie van de doelgroepverklaring van uw werknemer nodig. Houd u er rekening mee dat u tijdig de doelgroepverklaring bij uw werknemer opvraagt. Uw werknemer moet namelijk binnen drie maanden nadat hij bij u in dienst is getreden de doelgroepverklaring aanvragen.

Let op: Na deze drie maanden heeft uw werknemer geen recht meer op de doelgroepverklaring. Zonder deze doelgroepverklaring kunt u voor deze werknemer geen loonkostenvoordeel meer aanvragen.

9.       Vraag werknemer om verklaring geen privégebruik auto

Als u een auto ter beschikking stelt aan een werknemer, kunt u de bijtelling voor het privégebruik van de auto soms achterwege laten. Uw werknemer dient middels de 'Verklaring geen privégebruik auto', te verklaren dat hij niet meer dan vijfhonderd kilometer privé rijdt met de auto van de zaak. Ga bij uw werknemer na of deze verklaring wel of niet aan de orde is zodat u uw administratie daarop kan aanpassen per 1 januari 2019.

Indien uw werknemer een verklaring kan overhandigen dan hoeft u niets te doen. Maar gaat uw werknemer in 2019 meer dan vijfhonderd privékilometers rijden met de auto, dan moet u de bijtelling voor privégebruik gaan toepassen.

10.   Bijtelling privégebruik auto

Indien u een auto ter beschikking stelt aan uw werknemer dan bedraagt de bijtelling voor privégebruik 22% van de cataloguswaarde. Voor volledig elektrische auto’s bedraagt de bijtelling 4%. Voor auto’s die meer dan vijftien jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen geldt de waarde in het economische verkeer als grondslag en een bijtelling van 35%.

 

Let op: Gaat u nieuwe auto’s ter beschikking stellen aan uw werknemers? In 2019 en 2020 zal voor volledig elektrische auto’s het deel van de catalogusprijs dat boven € 50.000 uitkomt ook onder de bijtelling van 22% vallen. Vanaf 2021 gaat de bijtelling voor elektrische auto’s geheel naar 22%. Er geldt dan geen fiscaal voordeel meer voor elektrische auto’s.